Kaarsenkoekjes
Wat heb je nodig:
1 rond koekje (2 lagen met vulling)
1 lang rond koekje
1 gepelde amandel
Verschillende snoepjes
Een beetje chocoladeglazuur
Kwastje
Als je koekjes of taarten versiert, blijft er vaak een beetje chocoladeglazuur over, die dan voor deze kaarsen gebruikt kan worden. Heb je niets meer over, dan warm je een beetje chocoladeglazuur au-bain-marie op.
Het dubbele koekje leggen we plat op ons werkblad. Met het kwastje smeren we een beetje glazuur op het midden van het koekje. Het lange, ronde koekje zetten we daar in vast. We houden het net zo lang op zijn plaats, totdat het glazuur gedroogd is en het koekje goed vaststaat.
We dopen een gepelde amandel een stukje in het glazuur en zetten die op het koekje vast.
Tenslotte versieren we de 'kandelaar' met allerlei snoepjes of met noten. We gebruiken weer glazuur om ze vast te zetten.
Terug naar Recepten